Terugkomst naar Nederland nodig om te overleven

logo_1_2_3_4_5_6_7_8_9_10_11_12_13_14_15

Door een nog onbekende ziekte moest Kees Janssen (50 jaar) in het Noord-Brabantse Tilburg na een lang verblijf in de Dominicaanse Republiek begin april 2015 plotseling noodgedwongen terugkeren naar Nederland. Hij moet niet alleen lichamelijk herstellen van zijn ziekte, maar ook zijn financiële situatie weer op orde krijgen om te overleven. Het wekelijkse pakket van de Tilburgse Voedselbank helpt daarbij.

Janssen werkte tot 2004 als demonstrateur en restaurateur van machines in het Textielmuseum in Tilburg. Hij leerde zijn huidige Dominicaanse vrouw Anna (54 jaar) na een scheiding in 1996 kennen. Hij trouwde daarmee in 1998, waarna het nieuwe stel regelmatig naar de Dominicaanse Republiek afreisde. “Ons verblijf in dat land beviel zo goed, dat we in 2004 besloten om daar definitief te gaan wonen”, vertelt de voormalige werknemer van het Textielmuseum Tilburg. Om de reis  en het verblijf in de Dominicaanse Republiek te bekostigen, verkocht Janssen zijn huis in Tilburg.

Noodlot slaat toe door ziekte
Het leven in de Dominicaanse Republiek beviel het echtpaar Janssen de afgelopen 11 jaar erg goed, totdat het noodlot begin april dit jaar toesloeg. Kees kreeg door onbekende oorzaak ineens pijn in zijn borst, buik en schouderbladen en kon nog maar moeilijk bewegen.

Geen voedselpakket meer“Aangezien de gezondheidszorg in Nederland veel beter is dan in de Dominicaanse Republiek, besloten we om onmiddellijk naar Nederland te vertrekken voor een nader onderzoek naar mijn ziekte”, legt Kees uit. Hij logeert sinds april 2015 met zijn vrouw bij zijn Tilburgse vriend en musicus Peer van Dun. Het echtpaar staat sindsdien ook weer ingeschreven in Nederland.
Het vinden van een betaalde baan is voor Kees zeer moeilijk met zijn ziekte. “Ik heb al ontelbare keren gesolliciteerd, maar krijg meestal een paar seconden na het verzenden van de mail al een afwijzing via de computer. Welke werkgever wil er een zieke werknemer aanstellen?”, vraagt hij zich af.

Voorschot op bijstand
Aangezien Kees 11 jaar niet meer heeft gewerkt in Nederland, heeft hij hier geen recht op een WW-uitkering. Hij krijgt wel bijstand. Via het Instituut Maatschappelijk Werk heeft hij geregeld dat hij sinds mei 2015 in ieder geval een voorschot van €1.000 per maand krijgt op zijn definitieve toewijzing van een bijstandsuitkering. Van dat bedrag moeten Kees en Anna hun zorgverzekering betalen en een bedrag voor de leefkosten aan hun vriend Peer. Daarna resteert nog €200 per maand om eten van te kopen. “Dat is veel te weinig voor ons tweeën. Het pakket van de Voedselbank Tilburg, dat we iedere vrijdag ophalen, komt zodoende goed van pas”, stelt Kees. Dat pakket is iedere week heel wisselend van samenstelling. “Tachtig procent daarvan kunnen we goed gebruiken, zoals melk, groenten en vlees. Deze producten zijn nooit over de uiterste houdbaarheidsdatum en zijn best een verwennerij voor ons. We gooien nooit wat weg uit het pakket. Wat we zelf niet gebruiken, geven we aan vrienden”, vertelt Janssen. Ook het sociale aspect van de Tilburgse Voedselbank waardeert hij erg. Zo organiseert die zo nu en dan een filmavond of een etentje.

Als gevolg van de ontvangst van de voorschotten op zijn bijstandsuitkering krijgt Kees sinds begin juli geen pakket meer van de voedselbank. Hij hoopt dat artsen of specialisten zo snel mogelijk ontdekken wat hem mankeert , zodat hij daarna kan genezen. “Dan kan ik werk zoeken en onafhankelijk worden van een uitkering. Daarna hoop ik een beetje rust te krijgen. Ik heb nu alleen maar stress. Ik ben niet naar Nederland gekomen om rijk te worden, maar wel om te overleven”, besluit hij.

 

Auteur: Derk Klein Kranenberg, juli 2015