Door voedselbank hulp leren vragen

“Toen ik eenmaal de stap richting voedselbank zette – en mijn omgeving daarover informeerde – was het effect verrassend. Ik hoefde niet meer zoveel uit te leggen. Het maakte mijn leven een stuk prettiger.” Een goedlachse dame (49) blikt terug op zo’n twee jaar bij voedselbank Zwolle. Zij blijft graag anoniem om te voorkomen dat haar verleden haar huidige positie op de arbeidsmarkt beïnvloedt.

“In de dure tijd kocht ik een huis met mijn partner. De relatie ging over en ik bleef in het huis wonen. Op dat moment kon ik het net betalen. Twee jaar later werd mijn contract niet verlengd en belandde ik in de WW. Ik solliciteerde tevergeefs op van alles. Ondertussen ging zo’n 80 a 90% van mijn inkomen op aan de hypotheek. Natuurlijk heb ik overwogen mijn huis te verkopen. Alleen, als ik het al verkocht kreeg, waar zou ik dan heen moeten en wat zou mij dat kosten? Financieel zou het waarschijnlijk weinig opleveren. Op de kwaliteit van leven zou ik daarentegen behoorlijk inboeten.

Overdonderend
Zo’n zes maanden lang probeerde ik het zelf te redden. Daarvoor leefde ik ook al heel zuinig en het punt is, als je al zo sober leeft zijn er weinig bezuinigingsposten. Zo heb ik heb geen auto of smartphone en als ik op vakantie ga, is dat op de fiets naar een natuurcamping. Ik ontdekte dat het bij de voedselbank niet om je inkomen gaat, maar om besteedbaar inkomen. Via een maatschappelijk werker diende ik een aanvraag in en vlak voor Kerst kwam ik er voor de eerste keer. Het was extreem druk. In één woord een overdonderende ervaring: je kreeg een enorm groot krat mee. Studenten hielpen je sjouwen. Later ontdekte ik dat Kerst een uitzonderlijk moment is.

Chutney
Bij de voedselbank is het telkens hetzelfde proces: binnenlopen, je legitimatie tonen, kaartje in ontvangst nemen en pakket ophalen. Ik liet de dingen die ik niet kon gebruiken achter. Ik heb namelijk een gluten intolerantie dus aan spullen als pasta en koeken heb ik niets. Eenmaal was het zo leuk. Toen kwam ik binnen en rende een vrijwilliger mij tegemoet: “we hebben een glutenvrij pakket voor jou!” Nog wel zes anderen kwamen mij dat ook vertellen. Zij waren oprecht blij voor mij. Dat pakket was rijkdom. De vrijwilligers waren overigens allemaal en altijd vrolijk, positief en aardig. Ontzettend waardevol. Ik ben dan ook blij dat ik ook eens iets terug kon doen. Van een zak vol groene tomaat heb ik een keer chutney gemaakt. Daar heb ik alle vrijwilligers een potje van gegeven. Met groenten was ik trouwens altijd blij. Ik dol op witlof – daar krijg je veel van.

Begrip
De eerste weken vertelde ik niemand over de voedselbank. Ik schaamde mij en probeerde de schone schijn op te houden. Dat werkt natuurlijk niet, allerlei situaties werden bijzonder ongemakkelijk. Toen ik er open over werd, gaf mij dat ontspanning. Ik hoefde me niet meer te verantwoorden: minder woorden, meer begrip. Vrienden stopten mij allerlei dingen toe en ik kreeg ook praktische steun in de vorm van kleding. Soms zaten daar ook echt hele goede spullen tussen. En ja, ook een aantal mensen schrok van mijn verhaal. Zij begonnen dan gelijk over iets anders. Ach, dat bespaart ook weer een heel verhaal.

Stage
Sinds dit kalenderjaar heb ik een baan en kom ik niet meer bij de voedselbank. Dit werk vloeit voort uit een stageperiode. Ongeveer een jaar  geleden kreeg ik – zoals vaker – een afwijzing met als reden dat ik al te lang uit de running was. Mijn kennis was niet meer up-to-date. Ik kreeg wel de mogelijkheid om daar stage te lopen. En nu heb ik uiteindelijk dus een baan. Mijn werkgever kent mijn verleden niet. Dat laat ik liever zo.

Schouwburg
De hulp die ik bij de voedselbank kreeg was fijn. De extra’s die je krijgt zijn vooral waardevol: een blikje tonijn of een pak wasmiddel. Maar het allerleukste van de voedselbank was de cultuurkaart. Met deze pas kon je – als de schouwburg niet uitverkocht was – gratis naar binnen. Weergaloos! Ik heb gehuild toen ik de kaart kreeg. Het leven wordt namelijk op een gegeven moment wel echt kaal. In het begin mocht je zelfs nog iemand meenemen, dat was dubbel feest. Op dit moment ben ik nog blijer dat ik weer zelf verdien en niet meer afhankelijk ben van de voedselbank.”

 

Lydia Paauw, juli 2015